Vier!

Kleuters & competitiedrang

Sommige kleuters maken van alles een wedstrijdje. Wie heeft de mooiste Elsajurk of het mooiste Spidermanpak? In welk trommeltje zit de beste lunch en wie is eerder jarig?

Oerinstict

Competitiegedrag heeft te maken met de zoektocht naar bevestiging en waardering, oerinstincten van de mens. We complimenteren ze natuurlijk ook vaak (‘Wat kun je dat al goed!’) en dat stimuleert het leren en de ontwikkeling. Omdat schaamtegevoel en bescheidenheid pas later worden ontwikkeld (zo rond hun 7e), zul je kleuters vaak ook hun eigen kunnen horen benoemen en prijzen. ‘Moet je kijken wat mooi ik dit gemaakt heb, mam!’ En af en toe mondt dat uit in onderlinge wedstrijdjes over wie ergens de beste of de snelste in is.

Eva BronsveldHeel natuurlijk, zegt ook pedagoog Eva Bronsveld. Zeker bij kleuters. “Bijzonder aan een kleuterklas is dat er het hele jaar door nieuwe kinderen bijkomen en dat dus telkens de dynamiek van de groep verandert. Logisch dat kleuters een plekje willen veroveren of behouden in de groep. Dat kan door bijvoorbeeld ergens de grootste van te hebben of de snelste in te zijn. Die neiging om erbij te willen horen, zit in onze genen gebakken.”

Samen winnen

Wedstrijdgedrag is dus een oerinstinct en gaat vaak vanzelf over. En soms kan de competitie ook nog oplaaien als de meester of juf vaak de snelste, grootste, mooiste of leukste benoemt. Zonde, vindt Eva. “Ik vind dat we af en toe een beetje doorgeslagen zijn in resultaatgerichtheid op scholen, zelfs in de kleuterklas. Kinderen zijn van zichzelf onderzoekend en hebben de wil ergens beter in te worden. Door ze telkens het gevoel te geven dat ze moeten streven ergens de beste in te zijn, ondermijn je die onderzoekende aard. Ze zullen zich onbewust de hele tijd beoordeeld voelen en dat werkt faalangst in de hand. Een kind denkt dan al snel: straks lukt het me niet zo goed, ik kan er maar beter helemaal niet aan beginnen.”

Wat kun je doen om thuis het overal-een-wedstrijdje-van-maken een beetje te temperen? Eva: “Benoemen dat je niet overal de beste in hoeft te zijn, en dat het belangrijk is elkaar te helpen en dingen samen te doen. Ook als iets niet helemaal goed gaat, kun je je kind toch complimenteren met zijn inzet. Ook leuk: schaf samenwerkingsspelletjes aan. Voor ons volwassenen klinkt het suf, een spel waarbij niemand wint, maar hier thuis zijn ze helemaal dol op een spel waarbij je samen moet werken om een prinses te redden. Niet níemand wint, je wint met zijn allen.”

Dat focussen op het proces is belangrijk, zegt Eva. “Je kleuter moet weten dat het niet uitmaakt wat het resultaat is, dat het veel belangrijker is dat hij wat geleerd heeft en zijn best doet. Door dat te benoemen, bereik je veel meer dan wanneer je er een wedstrijdje van maakt.”

Tip van een ouder

Maarten (36), vader van Jayden (5): “Ik verbaasde me over de kleurwerkjes waar Jayden vaak mee thuiskwam: of een en al gekras, of er stond amper wat op papier. Thuis wilde hij ook nooit meer kleuren of tekenen, terwijl hij daar als peuter tijden mee zoet kon zijn. Toen ik hem ernaar vroeg zei hij dat hij nooit ‘mooiste tekening’ – na een creatieve opdracht hangt de juf de 4 mooiste exemplaren altijd op een speciaal bord in de klas – won en dat hij dus toch niet kon tekenen. Mijn hart brak een beetje. Na school heb ik de juf hier een keer over aangesproken en die schrok ervan. Ze beloofde Jayden wat extra aandacht te geven tijdens de volgende opdracht en zijn tekening ook een keer op het bord te hangen. Ondertussen ben ik zelf thuis met hem gaan kleuren en heb hem vooral veel gecomplimenteerd. En dat hielp. Inmiddels krijg ik de mooiste kunstwerken!”

>>> Meer lezen: Help! Gaat mijn kleuter écht zelf naar de wc?